
Jezelf bewijzen: waarom heb je steeds het gevoel dat je niet genoeg bent?
Heb je geregeld het gevoel jezelf te moeten bewijzen? Dat je altijd…
Lees meer ❯
In je hoofd leven is iets dat ik persoonlijk herken uit mijn eigen leven, maar ook wat ik veel terug zie (of hoor) van coachees. Ik was er jarenlang een ster in. In mijn hoofd leven was de manier waarop ik om probeerde te gaan met de gevoelens waar ik me geen raad mee wist. En dat waren er als puber in een pleeggezin nogal wat.

In je hoofd leven kan zo een coping mechanisme worden. Best leuk en aardig wanneer je het echt nodig hebt, maar op langere termijn gaat het tegen je werken. We zijn namelijk helemaal niet bedoeld om alleen maar in ons hoofd te leven!
Waarachtig en vrij leven betekent dat je in je lijf kunt zijn, met al je gevoelens en emoties én dat je ook je hoofd weet te gebruiken. Je raadt het al: alles draait hier om balans. In je hoofd zitten is niet slecht, want we hebben ons hoofd hartstikke hard nodig in ons dagelijks leven in deze huidige maatschappij.

Het wordt pas een probleem, als je (bijna) alleen maar in je hoofd leeft. Want met je hoofd kan je je gevoelens onderdrukken en beheersen. Terwijl gevoelens juist signalen zijn waar we naar mogen luisteren. We hebben ze tenslotte niet voor niets, óók de minder prettige.

Nu valt het me op dat veel mensen (niet allemaal natuurlijk!) die geboren zijn voor de jaren zestig, moeite hebben met het uiten van ingewikkelde gevoelens en emoties. Een man zei het eens zo: “Daar heb je het gewoon niet over.” Terwijl millennials massaal naar coaches en therapeuten gaan en het in die generatie bijna uitzonderlijk is als je dat nog nooit hebt gedaan. Persoonlijke ontwikkeling en je issues uit het verleden aankijken zijn ‘moetjes’.
Millennials zien in je hoofd leven dus eerder als een coping mechanisme (en daar ‘moet je dus wat mee’), terwijl oudere generaties vooral het ‘niet zeuren maar poetsen’ adagium aanhouden. Je moet in hun ogen gewoon door, dus je kunt je hoofd er maar beter bijhouden (en de rest terzijde schuiven). Generatie X (geboren rond halverwege de jaren zestig tot rond 1980) heeft niet van huis uit meegekregen om te praten over gevoelens (dit is uiteraard een generalisatie, want er zullen ongetwijfeld gezinnen zijn geweest waar dat wél gebeurde).
Babyboomers (geboren zo vlak na de Tweede Wereldoorlog tot halverwege de jaren zestig) zijn vaak geneigd hun ‘vuile was niet buiten te hangen’. Oftewel: heb je issues? Houd ze dan voor je. Maar zeg nu eens eerlijk: wie heeft er geen vuile was? Ik wil niet beweren dat iedereen die in zijn hoofd leeft, issues heeft. Maar alleen maar in je hoofd leven maakt het leven minder vol en rijk.
Mens-zijn behelst namelijk veel meer dan alleen wat we met ons hoofd kunnen bevatten. Het scala aan ervaringen, gevoelens, sensaties, verwondering en misschien wel de magie van het leven, kunnen we niet ervaren met ons hoofd. Je kunt er natuurlijk over filosoferen. Maar dat is van een heel andere orde dan het ervaren met je hele zijn, je hele wezen. In je hoofd leven (ik zeg wel eens gekscherend: “Als een kop zonder kip”) is alsof je maar vijftig procent van het leven ervaart.

Je lichaam geeft signalen af, kun je die opmerken en ernaar luisteren? Of wuift je hoofd ze weg en slik je er een pilletje voor? Kun je de fluisteringen in de wind horen? Je verwonderen over de pracht van een zonsondergang? Huilen om je innerlijke kind dat liefde of zorg tekort is gekomen? Kan je erkennen dat je wat je niet gekregen hebt van je moeder, momenteel projecteert op je partner? Durf je jezelf in de spiegel aan te kijken en in te zien dat jouw manier van werken (en in je hoofd leven) heeft geleid tot een burn-out?
Misschien voel je weerstand bij het lezen van de bovenstaande vragen. Mogelijk ervaar je boosheid of verontwaardiging. Maar voordat je mij met een beschuldigend vingertje aanwijst, wil ik je vragen of wat er nu in jou naar boven komt, niet het deel in jou is dat erkent dat je te veel in je hoofd geleefd hebt. Het deel dat snakt naar bevrijding, naar voluit leven. Het deel dat zijn eigen keuzes maakt, los van wat een ander daar misschien van denkt. Dat deel in jou dat weer in harmonie wil zijn: hoofd, hart, lichaam en geest. Zonder dat één daarvan de overhand heeft.
Nu ben ik natuurlijk ook in een bepaalde generatie geboren, dus ik kan niet zeggen dat ik hierin helemaal objectief ben. Ik kom uit de millennial-generatie, dus ik ben eerlijkheidshalve groot voorstander van het uitpluizen van jezelf. Maar dat had je misschien al wel door tijdens het leven van deze blog. 😉
Navelstaren hoeft nu ook weer niet: we hoeven niet door te schieten van leven in ons hoofd naar volledig leven in ons lijf. Ook dat is niet wenselijk (of realistisch). Maar ik ben er wel van overtuigd dat we – door de industriële revolutie in gang gezet – ons af zijn gaan scheiden van de natuur. Dat heeft ons als het ware ‘boven’ ons lijf geplaatst. Alsof ons lichaam van lagere orde is, zoals dat van de dieren. Leven in je hoofd als statussymbool. Terwijl wij mensen ook gewoon zoogdieren zijn – we mogen onszelf dus volledig bewonen: lichaam, ziel en geest. Dan word je weer onderdeel van de natuur: je staat er niet onder of boven. Je hoort er helemaal bij. Dát is volledig mens zijn: voluit leven.
Heeft het lezen van deze blog iets in jou aangewakkerd? Voel je je getriggerd? Voel je vrij om contact met ons op te nemen. Onze coaches staan graag voor je klaar!

Psychologie magazine over uit je hoofd komen en vol voor plezier te gaan. Psychologie Magazine
In je hoofd leven kan een coping mechanisme worden. Best leuk en aardig wanneer je het echt nodig hebt, maar op langere termijn gaat het tegen je werken. We zijn namelijk helemaal niet bedoeld om alleen maar in ons hoofd te leven! Waarachtig en vrij leven betekent dat je in je lijf kunt zijn, met al je gevoelens en emoties én dat je ook je hoofd weet te gebruiken. Je raadt het al: alles draait hier om balans. In je hoofd zitten is niet slecht, want we hebben ons hoofd hartstikke hard nodig in ons dagelijks leven in deze huidige maatschappij.
Nu valt het me op dat veel mensen (niet allemaal natuurlijk!) die geboren zijn voor de jaren zestig, moeite hebben met het uiten van ingewikkelde gevoelens en emoties. Een man zei het eens zo: “Daar heb je het gewoon niet over.” Terwijl millennials massaal naar coaches en therapeuten gaan en het in die generatie bijna uitzonderlijk is als je dat nog nooit hebt gedaan. Persoonlijke ontwikkeling en je issues uit het verleden aankijken zijn ‘moetjes’.
Millennials zien in je hoofd leven dus eerder als een coping mechanisme (en daar ‘moet je dus wat mee’), terwijl oudere generaties vooral het ‘niet zeuren maar poetsen’ adagium aanhouden. Je moet in hun ogen gewoon door, dus je kunt je hoofd er maar beter bijhouden (en de rest terzijde schuiven). Generatie X (geboren rond halverwege de jaren zestig tot rond 1980) heeft niet van huis uit meegekregen om te praten over gevoelens (dit is uiteraard een generalisatie, want er zullen ongetwijfeld gezinnen zijn geweest waar dat wél gebeurde).
Mens-zijn behelst namelijk veel meer dan alleen wat we met ons hoofd kunnen bevatten. Het scala aan ervaringen, gevoelens, sensaties, verwondering en misschien wel de magie van het leven, kunnen we niet ervaren met ons hoofd. Je kunt erover filosoferen, maar dat is van een heel andere orde dan het ervaren met je hele zijn, je hele wezen. In je hoofd leven (ik zeg wel eens gekscherend: “Als een kop zonder kip”) is alsof je maar vijftig procent van het leven ervaart.
Je lichaam geeft signalen af, kun je die opmerken en ernaar luisteren? Of wuift je hoofd ze weg en slik je er een pilletje voor? Kun je de fluisteringen in de wind horen? Je verwonderen over de pracht van een zonsondergang? Huilen om je innerlijke kind dat liefde of zorg tekort is gekomen? Kan je erkennen dat je wat je niet gekregen hebt van je moeder, momenteel projecteert op je partner? Durf je jezelf in de spiegel aan te kijken en in te zien dat jouw manier van werken (en in je hoofd leven) heeft geleid tot een burn-out? Voor je verder leest: wat gebeurt er nu in jou? Misschien voel je weerstand bij het lezen van de bovenstaande vragen. Mogelijk ervaar je boosheid of verontwaardiging. Maar voordat je mij met een beschuldigend vingertje aanwijst, wil ik je vragen of wat er nu in jou naar boven komt, niet het deel in jou is dat erkent dat je te veel in je hoofd geleefd hebt. Het deel dat snakt naar bevrijding, naar voluit leven. Het deel dat zijn eigen keuzes maakt, los van wat een ander daar misschien van denkt. Dat deel in jou dat weer in harmonie wil zijn: hoofd, hart, lichaam en geest. Zonder dat één daarvan de overhand heeft.