Aanwezig zijn in het hier en nu is een kunst. Des te meer vandaag de dag, omdat we de hele dag door gebombardeerd worden door prikkels, schreeuwende reclames, influencers die op onze tijdslijn voorbij komen met dé oplossing voor onze problemen en niet te vergeten: onze zelfopgelegde, eindeloze to-do lijst. Er is altijd wel wat te doen. Een vlucht uit onze zorgen, problemen, piekergedachten of verantwoordelijkheden is nooit meer dan één swipe van ons vandaan. Ondertussen zijn we verslaafder aan onze schermpjes dan ooit.

Écht aanwezig zijn in het hier en nu is een zeldzaamheid geworden. Neem maar eens de trein. Hoeveel mensen zie je nog doelloos voor zich uit staren tijdens het wachten op de trein? Hoeveel mensen kijken nog in het rond gedurende het treinritje? Eigenlijk iedereen wordt opgeslokt door de telefoon.
En als de telefoon één ding heel goed kan, dan is het ons weghalen uit het hier en nu. We worden meegenomen naar andere werelden, waar we betere versies van onszelf zijn. Waar we onze toekomstdroom weerspiegeld zien in de levens van anderen op sociale media, mensen die ‘het gemaakt hebben’, wat dat dan ook precies betekent. Muziek, reels, spelletjes, het houdt niet op. Aanwezig zijn in het moment betekent dus letterlijk dat je je telefoon wat vaker aan de kant legt. En dat is niet zo makkelijk, als iedereen om je heen vastgekluisterd zit aan dat scherm…
Een betere wereld begint bij jezelf. Maar waarom zou je zo nodig aanwezig moeten zijn in het hier en nu? Wat nu als je het wel best vindt om met je gedachten in het verleden of de toekomst te zijn? Of in de digitale wereld? Eigenlijk is het antwoord simpel: omdat je leven zich uiteindelijk maar op één plek afspeelt: in het moment dat er nu is.
Je lichaam is altijd in het hier en nu. Als je honger hebt, heeft je lichaam hier en nu behoefte aan voeding. Als je pijn ervaart, is dat op dit moment aanwezig en voelbaar. Je lichaam vlucht niet weg naar een ander moment, dat doet je hoofd. Het is natuurlijk niet zo dat je nooit mag terugdenken aan het verleden, niet mag dromen over de toekomst of mag verdwijnen in de digitale wereld. Daar is op zichzelf niets mis mee.

Het probleem ontstaat wanneer je daar zó vaak bent, dat je nauwelijks nog merkt wat er voor je neus gebeurt. Dan kan de telefoon echt een ontsnappingsroute worden: weg van verveling, ongemak, verdriet, onzekerheid of simpelweg stilte.
Juist in die stilte gebeurt iets. Als je niet meteen naar afleiding grijpt, krijg je de ruimte om te voelen hoe het werkelijk met je gaat. Je merkt waar je aandacht naartoe gaat, welke gedachten steeds terugkomen en waar je misschien behoefte aan hebt. Daarnaast heb je oog voor de ogenschijnlijk kleine dingen: een gesprek, de omgeving buiten het treinraam, de smaak van je eten, iemand die naar je glimlacht. Dingen die niet zo bijzonder lijken, maar waar een groot deel van een mensenleven uit bestaat.
Alleen maar aanwezig zijn is daarom niet per se het doel. Het gaat er eerder om dat je kúnt kiezen waar je met je aandacht bent. Dat je naar het verleden kunt gaan zonder erin vast te blijven zitten, over de toekomst kunt dromen zonder het heden over te slaan en je telefoon kunt pakken omdat je dat wilt. En niet omdat je hand er automatisch naartoe gaat en het eigenlijk geen keuze meer is.
Want als je voortdurend ergens anders bent, is de ongemakkelijke vraag uiteindelijk: wanneer ben je dan eigenlijk aanwezig bij je eigen leven? Au. Want de vraag die dan op kan komen is: wat vind ik nou van mijn leven? Heb ik het wel vormgegeven op een manier die bij mij past? Of ben ik het leven van een ander gaan leven en voelde dat zo verkeerd, dat ik wel weg móest vluchten in afleiding? Aanwezig zijn met wat er is, voelt dan als een te grote confrontatie.

Maar hoe groot die confrontatie dan ook kan lijken, het is wel nodig om hem aan te gaan, wil je toch ooit weer je eigen leven gaan leiden. En wie wil dat nu niet? Je krijgt tenslotte maar één leven, dus maak er wat van! Dat betekent niet dat ik nu zeg dat je de narigheid maar aan de kant moet schuiven en er een feestje van moet bouwen. Ik geloof zelf namelijk dat je diep geluk en ware blijdschap pas écht kunt ervaren en doorvoelen, als je ook de andere kant van de medaille kent: pijn, verdriet, verlies en rouw. Aanwezig zijn in het hier en nu betekent dus dat je alle emoties er laat zijn, of je ze nu positief of negatief beoordeelt.
Het wonderbaarlijke dat dan gebeurt, als je accepteert dat al die gevoelens er zijn, is dat ze minder groot blijken te zijn dan je eerst dacht. Je kunt het aan. En naarmate je meer aanwezig bent bij jezelf, jouw innerlijke wereld en jouw lichaam, hoe meer bewondering je gaat krijgen voor het leven. Omdat je, zodra je minder van je ervaring wegduwt, ook meer gaat opmerken van wat er al die tijd al was. Niet alleen pijn of onrust, maar ook de subtiele dingen: opluchting, warmte, nieuwsgierigheid, verbondenheid, schoonheid, dankbaarheid. Je gevoelswereld wordt als het ware breder.
Als je voortdurend afleiding zoekt, leef je vooral aan de oppervlakte. Zodra je meer aanwezig bent, merk je hoeveel er eigenlijk in één gewoon moment kan zitten, je ervaart een verdieping in het leven. Je ontdekt wat er nou werkelijk toe doet. Het leven wordt niet per se makkelijker, maar wel rijker. Je merkt meer op, voelt meer en ontdekt dat zelfs in heel gewone momenten iets bijzonders kan schuilen. Aanwezig zijn in het hier en nu wordt dan een ontdekkingstocht, een avontuur. Wat valt er in jouw échte wereld te ontdekken?
Doe geheel vrijblijvend de burn-out test of neem contact met ons op.
Direct contact Of bel 085 - 5363606